<             BLADEREN ZELFVOORZIENING     2                              nov 97
------------------------------------------------------------------------

Moderne zelfvoorziening
De Raakvraag
Het inkomen van een zelfvoorzienende huishouding, 2
Zelf oogst en zelf pluk
-------------------------------


Bij Bladeren 2                                                                     door Rein de Jong
--------------------
Het beginnen van een nieuw blad is heel spannend. Lukt het om regelmatig uit te
komen? Wat zijn de reacties? Wordt het wat? Voor 'Bladeren Zelfvoorziening'
hebben in ieder geval de eerste belangstellenden zich al gemeld en staat het
volgende nummer alweer op stapel.

AARZEL NIET EN NEEM EEN ABONNEMENT VOOR HET JAAR 1998!

'Bladeren Zelfvoorziening' is een tijdschrift, dat de zaken bekijkt vanuit het
uitgangspunt zelfvoorziening.
Dat is nodig, omdat andere bladen slechts incidenteel aandacht aan
zelfvoorziening besteden.

Het zou mooi zijn als het blad een soort van clubblad wordt voor zelfvoorzieners
met een levendige uitwisseling van ervaringen en ideeŽn in het blad en onderlinge
contacten daarbuiten. De bedoeling en verwachting is dat er steeds meer
zelfvoorzieners copij gaan leveren aan 'Bladeren Zelfvoorziening'.

'Bladeren Zelfvoorziening' heeft bewust gekozen voor de meest eenvoudige
uitvoering van het blad o.a. om de prijs laag te houden. Maar door het adverteren
zijn de kosten nu in de beginperiode erg hoog. Daarom zijn niet alleen
abonnementen, maar ook donaties heel welkom.

p.s

Ongeveer 20 overmakingen voor 0, 1 of 01 nummers op de advertenties. Nummer
2 ook voor hen gratis. Colofon ingekort. pp.

.     INTRO (zie 0 nummer)
.
.
.
.


MODERNE ZELFVOORZIENING.                                         door Rein de Jong.

Welke mogelijkheden zijn er tegenwoordig voor zelfvoorziening? Daar wil ik het in
'Bladeren Zelfvoorziening' regelmatig over hebben naar aanleiding van de studie
'Van pekelvat tot diepvrieskist' *. In deze studie vertellen ouderen over hun
ervaringen met de huishoudelijke verduurzaming van groente, fruit, vlees en vis en
het daarmee nauw verbonden systeem van zelfvoorziening.

Tot ver in de twintigste eeuw produceerden de meeste plattelandbewoners, met
name in de landprovincies, zoveel mogelijk het voedsel voor de eigen huishouding
zelf. Ook bij veel boeren was het produceren voor de markt in die provincies
bijzaak. Er was daardoor weinig geld beschikbaar en slechts beperkte, moeilijk
bereikbare, handel mogelijk en nodig. Deze zelfvoorziening noopte de mensen tot
verduurzaming van voedsel, want vaak werd er maar ťťn maal per jaar geoogst en
geslacht. Het was nodig om het voedsel dan zodanig te bewaren of te bewerken,
dat het bederf ervan werd uitgesteld.

In het begin van deze eeuw werden de volgende metoden om zelf voedsel te
conserveren het meest gebruikt:
Voor groenten, ten eerste inzouten en ten tweede drogen, vanwege het geringe
werk en de beperkte en goedkope benodigdheden.
Fruit (vooral appel, peer en pruim) werd gedroogd.
Vlees werd na inzouten, gerookt of gedroogd.
    Een geinterviewde uit Nieuwe Pekela gaf het volgende beeld van het resultaat:
"In de zomer en de herfst moest je maken dat je de winter aankon; turf in de
kelder, aardappels in de bedstee, varken in het hok, kool en bonen in het vat." Als
dan alles goed was, zei pa: "We kunnen de winter aan, wij zijn rijk."
    Een bewoner van een Groningse boerderij gaf een veel minder gebruikelijke
voorraadomschrijving:
"Onze diepe kelders, er waren er twee, zagen er uit om van te watertanden,
wanneer je in zomer en najaar telkens weer een nieuw onderdeel aan de voorraad
toevoegde. We leefden uit de zelfverzorging.
Daar stonden in zwarte wijnflessen: rabarber, zuring, appelmoes, postelein en
kruisbessen.
In ca 500 weckflessen prijkten de groenten en vruchten. In stopflessen op
brandewijn stonden aardbeien, frambozen, morellen, abrikozen, perziken en
zwarte bessen.
Verder de jams van al deze vruchten.
Bessenwijn, rood en wit. Kersenwijn van de zogenaamde Westerleese Kriek, een
half wilde kers.
Op een rij stonden de inmaakpotten met groenten in het zout. In de eerste plaats
de zuurkool, dan de snijbonen en andijvie.
Boerenkool werd gedroogd.
De eieren werden in de tijd dat ze goedkoop waren in kalkwater ingelegd.
Als de slacht in de herfst achter de rug was, de appel- en perenbakken gevuld
waren, nou dan kon men de winter wel aan zien komen."

De kwaliteit van de producten uit de zelfvoorziening was niet altijd zo best als
gevolg van mindere oogsten, de duur van de conservering, de aard van het
conserveringsproces en van de kunde en mogelijkheden van de zelfvoorziener als
boer en conserveerder. Waar naar volledige zelfvoorziening gestreefd werd, kon de
maaltijd soms niet alleen sober, maar ook onsmakelijk zijn. Het eten van oude,
verschrompelde of uitgelopen aardappelen, te zout geworden groente of ranzig
spek kwam toen in de zelfvoorziening vaak jaarlijks terug. De oorzaken waren
deels een beperkte kennis van de achtergronden van de conservering en een
gebrek aan benodigdheden. Men nam de metoden over van de ouders en pas na
voorlichting ontdekte men andere mogelijkheden. Het wecken, dat vooral na de
eerste wereldoorlog bekend begon te raken, leende zich in tegenstelling tot de
traditionele metoden ook voor het conserveren van meer verfijnde groentensoorten,
zoals doperwten, bloemkool en zomerworteltjes. Helaas vereiste deze metode,
evenals het diepvriezen, relatief dure spullen, zoals de weckpotten en -ketel,
samen met een relatief hoog energieverbruik. Zelfs nog in de jaren vijftig werden
de traditionele metoden bij gebrek aan geld het meest door de landarbeiders en
arbeiders toegepast.

Tegenwoordig kijkt men vaak wat meewarig, vertederd en nostalgisch aan tegen
deze vorm van zelf conserveren van voedsel. De zelfvoorziener daarentegen zoekt
naar aanknopingspunten om de zelfvoorziening gelijkwaardiger te maken aan de
geldeconomie. Zelfvoorziening is meer dan een doe-het-zelf-hobby van de
zelfvoorziener, maar kan ook een soort buffer gaan vormen tegen de
onevenwichtigheid van de geldeconomie. De zelfvoorziener kan zelfs een betere
kwaliteit en grotere verscheidenheid aan voedsel bereiken, omdat het streven van
de commercie naar hoge productiviteit, verlies van variatie en smaak betekent.


Vragenrubriek: De RAAKVRAAG.                                         door Rein de Jong.
------------------------------------------------

Kun je een overzichtje geven van de principes van al die metoden van
voedselconservering?

Voedsel bevat zeer veel micro-organismen, die meestal geen gevaar vormen voor
onze gezondheid, maar waarvan toch de voortgaande groei van het aantal gestuit
moet worden, omdat die groei voor ons verlies van voedingswaarde betekent. Alle
micro-organismen hebben voor die groei voedingsstoffen nodig, die ze vinden in
onze voeding. Noodzakelijk zijn: water, een koolstofbron, een stikstofbron en de
elementen kalium, fosfor (als fosfaat) en zwavel (als sulfaat). Verder zijn ze
afhankelijk van de zuurstof in de lucht, de temperatuur, het optreden van gisting,
de zuurgraad en (licht)straling.

Conserveren bereik je door een of meer van deze omstandigheden te beinvloeden.
Dat kan met:
- hoge temperaturen, om de micro-organismen geheel of grotendeels te
vernietigen (pasteuriseren, wecken, inblikken), de meeste micro-organismen zijn
bestand tegen temperaturen tussen 0 en 50 graden Celsius,
- lage temperaturen, om de microbiŽle activiteiten te beperken of geheel lam te
leggen (diepvriezen),
- drogen; bij 1% vocht is alle biochemische activiteit onderdrukt,
- toevoegen van (groeiremmende) conserveermiddelen,
- toevoegen van antioxydantia of afsluiten van de lucht; schimmels b.v. kunnen
niet leven zonder lucht, andere micro-organismen gaan juist dood bij blootstelling
aan de lucht. Neem het maken van zuurkool in potten met een waterslot. Het
zout en het samenpersen van de koolmassa zorgen ervoor, dat vocht uit de cellen
treedt. De micro-organismen die van nature op witte kool aanwezig zijn beginnen
zich in het celvocht te ontwikkelen, waardoor de koolmassa gaat verzuren. Het
waterslot sluit effectief van de lucht af, waardoor schimmels sterven bij gebrek
aan zuurstof.
- zuurgraad verlagen; de meeste bacteriŽn, behalve de melkzuur-, azijnzuur-, en
zwavelbacterie, worden bij een pH lager dan 4-5 in hun groei geremd, terwijl
gisten en schimmels bij een lage pH goed kunnen groeien,
- toevoeging van zout of suiker beschadigt de celmechanismen van de bacteriŽn.
Ook azijn, alcohol of rook zorgen ervoor, dat de bederf veroorzakende
micro-organismen niet meer in staat zijn zich verder te ontwikkelen,
- het opslaan in donkere niet te vochtige ruimten o.a. bij appels en aardappelen.

Het lijkt me het beste, dat de zelfvoorziener daarvoor een soort fasenplan volgt.
Begin met zoveel mogelijk vers eten van het seizoen. Dat is altijd het beste. Er is
opmerkelijk veel mogelijk. Via een uitgekiende planning kan je ook in de winter
afwisselende maaltijden uit eigen tuin klaarmaken.
Het VELT-handboek* geeft daarover de de volgende informatie:
Een aantal gewassen zijn zeer winterhard en kan je buiten zonder problemen ter
plaatse bewaren. Aardpeer, boerenkool, schorseneer, winterprei, wortelpeterselie
en pastinaak, zijn die taaie rakkers. Bij strenge winters bevriest hoogstens het
blad van de winterprei. Let er op dat ze niet met hun voeten in het water staan.
Savooiekool en spruiten zijn ook winterhard, maar kunnen niet tegen strenge
winters. Bij de inval van zware vorst moet je de planten met wortel en al op een
koele, vochtige plaats binnen bewaren.
Bij vriesweer kan je niet goed oogsten. Als de vorst invalt dek je af met hooi, stro
of bladeren of leg je een voorraadje aan in een vorstvrije ruimte. Sommige
niet-winterharde groenten kunnen in de serre of platte bak bewaard worden.
Peterselie, andijvie en groenlof, die buiten tot stevige planten zijn uitgegroeid kan
je in oktober met kluit uitsteken en onder glas weer uitplanten. Dek bij vorstweer
de platte bak af met rietmatten en de gewassen in de serre met b.v.
krantenpapier of stro. Ook is veldsla, winterpostelein (beschermen bij strenge
vorst) en spinazie onder glas mogelijk.

Ten tweede kan je de traditionele, eenvoudige technieken in sommige gevallen
gebruiken en eventueel met de huidige kennis verbeteren.

En ten derde kan je gebruik maken van de metoden, waarbij je moeilijk zelf te
maken spullen nodig hebt, zoals wecken en diepvriezen en ook inzuren. Die
spullen zal je vooralsnog moeten kopen. Dat lijkt me nu nog niet zo bezwaarlijk,
want het streven naar volledige  zelfvoorziening op kleine schaal lijkt me niet erg
wenselijk.

Gebruikte literatuur:
* Van pekelvat tot diepvrieskist, door Jozien Jobse-van Putten, Amsterdam 1989,
uitgave van het P.J. Meertens Instituut (het bekende "Bureau" van de auteur en
antibioindustrieactivist: J.J. Voskuil).
* Ekologisch tuinieren, Berchem, 1994, uitgave van de Vereniging voor
Ekologische Leef- en Teeltwijzen.


HET INKOMEN VAN EEN ZELFVOORZIENENDE HUISHOUDING. (2)

2. Baten van zelfproductie
   -----------------------------------
Dezelfde huishouding, nu voorzien van een toereikende aanliggende tuin en een
ontwikkelde mate van zelfproductie. Marktproducten en -diensten waar mogelijk
tot vergelijkbare waarde vervangen, waar verstandig soms weggelaten.
Met minder geld komt de huishouding toe, houd bij gelijkblijvende inkomsten over,
is een bron van werkgelegenheid en levert een beste besparing op energie onder
meer en milieu.
Om groeicijfers niet te verstoren betaalt en ontvangt de huishouding een realistis
bedrag voor het autolocale product.

Uitgaven per maand aan Z(elf) en M(arkt):

Water                                                    Z                        M
---------                                   
.aanvoer                                               15                         5
.riolering                                                5                         5
.huisvuil                                               25                         5

Regen of grondwater, was- en drinkwaterzuivering, bio reiniging, geeft exclusief
aanleg wat onderhouds- en vervangingskosten waaronder kwaliteitscontrole.
Het mindere huisvuil bespaart 25. (1)
Ook hogere kosten op de posten tegen eendere marktbedragen te ondervangen.

Voeding                                                 Z                        M
------------
incl. genotmiddelen, dranken                275                       75

Meest verse producten van biologise kwaliteit, sommige duur, andere goedkoper,
sommige prijsloos, aangepaste cuisine.

Kleding                                                  Z                        M
-----------
incl. bedde- en linnengoed,
schoeisel                                              35                       15

Vooral samengesteld, zelf of gezamelijk, uit locale grondstoffen en halffabricaten.
In het marktbedrag gebruik van lichte machines, goede procťdťs en ontwerpen
opgenomen.

Brandstof                                               Z                        M
--------------
.hout, zonnecollector                              45                        5
.electra                                                  35                      15

Aan voedsel-, water- en ruimteverwarmingefunctis voldaan door onder meer
efficiŽnt koken, stoken, wonen, is het zelfbedrag besparing voorzover de
marktwaarde van aangewend kap- en snoeihout, ander brandbaars, te boven
gaand.
Ook het zelfverdiende electrabedrag berust niet noodzakelijk op geproduceerde
kWh's.
Vervangende menskracht en zinvolle, meerwaardige besparing inbegrepen. Het
marktbedrag dekt aansluiting op net en of onderhoud, vervanging van windmolen,
zonnecellen enz.

Huisraad                                                Z                       M
-------------
.woninginrichting, meubelen, huis-
houdelijke hulpmiddelen, gereedschap     50                      25
.telefoon, incl. gesprekskosten                                         50
.radio, televisie, disc, tape, incl. kabel,
kijk en luistergeld                                                            50
.computer                                                                    excl.
.overige electrise apparatuur                    15                     10

Tegen de tijd dat het nieuwe beroep, de nieuwe kunst, kinderziektes zou zijn
ontgroeid is in eenvoudiger versies van de telefoonradiotelevisiecomputer de
laatste eventueel inclusief in verhoudingsgewijs eenzelfde marktbedrag.
Ontbreken stofzuiger, ijskast en mogelijk wasmachine, dweilen en vegen,
keldergebruik, slimme handwas, geven ongeveer gelijke resultaten.

Woning                                                  Z                        M
-----------
.huur                                                  350                       50

In plaats van de gehuurde, gekochte of gekregen woning ter wat ondergemiddelde
waarde van 400 per maand, een in beginsel merendeels zelf gebouwde, niet
minder van kwaliteit of comfort, toegesneden op zelfproductie.
Het prettige marktbedrag voor onderhoud, vervanging, belastingen ligt evenals bij
de andere duurzamer consumptiegoederen hoger wanneer voor spaargelden
'vervanging' rente en aflossingsgelden 'afbetaling' worden ingevuld.

Subtotaal                                              Z                         M
--------------
                                                         850                      310

(1) Terecht wellicht ontvangt Z niet zozeer voor werk als wel voor product: afwezig
huisvuil. 
                                                                                              word voortgezet
                                                                                              ----------------------
                                                                                                 peter piscaer.


VRAAG EN AANBOD
.
.
.     geen
.

------                                                                                                        -------


Zelf oogst en zelf pluk
--------------------------------

Dichter bij zelfvoorziening dan eco in supermarkt, natuurvoedingswinkel, regionaal
groente abonnement of boerenmarkt, maar verder dan nuts- of moestuin, liggen
stadstuinderij De Kring te Wageningen en zelfplukboerderij Het Ankeler Veld,
Apeldoorn.
(De Kleine Aarde 101, de Volkskrant 30897)

De Kring omvat 1 hectare en tuiniert niet in permaculturele spiralen maar
biologisch dynamisch in circels, wat bijzonder is.
Reguliere klanten oogsten er naar believen groenten, druiven, bloemen op een
deel van de gaarde voor ruim een tientje per week.
Aan vermelde producten: sla, radijs, wortel, biet, kool, prei, ui, courgette,
pompoen zou onder meer aardappel, boon, pastinaak kunnen ontbreken, voor
ander fruit, noten, graan, subliem scharrelei, is wellicht geen plaats.

Fruitsoorten daarentegen vooral, maar ook groenten en bloemen zijn vrij naar
gewicht te verzamelen en voordelig waarschijnlijk af te rekenen op Het Ankeler
Veld, bij ruime openingstijden en telefonise informatie over wanneer wat rijp is.

Bevoorrecht aldus nabij en wat verderaf wonenden, die met frisse lucht betere
waar van laagste energie- en hoogste milieuwaarde in huis kunnen halen.
----                                                                                                            pp.

Mededelingen
--------------------
Bladeren 3 te verschijnen per januari.

Tip
----
Een copietje van Bladeren kan het leuk doen als surprise of relatiegeschenk.

--------------------------------------------
Uitgave: Studio zelfvoorziening ... Copij: per eenzijdig a5, voor terugzending svp.
envelop met adres en zegel. Advertentis: f 1.00 per regelruimte, abonnees vier
regels gratis. Prijs: incl. port 2.75, zes vooruit (abon.) 15,00, vijf ineen f 10.00.
=========================================================
   

                                                                                                           
  ^
  .