<               BLADEREN ZELFVOORZIENING     3                                 jan 98
-------------------------------------------------------------------------

Locaal biologis
Moderne zelfvoorziening (2)
Wat weten we er eigenlijk van ?
De fiets en zelfvoorziening
De raakvraag
Het inkomen van een zelfvoorzienende huishouding, 3
Wegen en paden
-------------------------


Locaal biologis
----------------------
Geeft welbegrepen zelfvoorziening in theorie een subliem antwoord op milieu onder meer, energie, werkloosheid, derde wereld en scoort het gemakkelijk hoogst op gezond, schoon, natuurlijk, groen, ecologis, duurzaam, noem maar op, in bevlogen zeventiger en volgende jaren geraakte het meer onder dan boven het maaiveld.
Iets te ver van het zestiger jaren bed ?.
Wel onnozeler theorie werd met onwaarschijnlijker inspanning succesvol tot praktijk gebracht, al verklaart geld ook hier veel.
Voor een fractie immers van publieke en private bestedingen richting voornoemde
goede doelen, en waarin een aanzienlijke loonsom, waren zelfproductive tuinen, bijpassende woningen, doordachte producten inmiddels aardig ontwikkeld, zuid
afrikanen ook, cubanen, oost europeanen van nut.
Maar ja, of de weg van EKO naar LOC, locaal origine certificaat, het red met spaarlamp, okee banaan, max havelaar koffie.          pp.
                                                                                                               

MODERNE ZELFVOORZIENING (2)                                     door Rein de Jong

De studie 'Van pekelvat tot diepvrieskist' (zie ook Bladeren nr. 2) toont een interessant verband tussen welvaart en zelfvoorziening.
De armste mensen deden niet aan zelfvoorziening, uitgezonderd wat oogsten in het wild, omdat ze geen grond hadden.
Velen hadden echter wel grond voor de voortbrenging van een groot deel van de benodigdheden voor het bedrijf en het huishouden. Wat overbleef werd op de markt verkocht.
Van de boeren deed iedereen aan zelfvoorziening, maar in het oosten en het zuiden hadden ook zowat alle arbeiders een eigen lapje grond en een varken. Zelfs in de provinciestadjes hadden velen een moestuin en in het stedelijke westen waren er de volkstuinen. Uit de studie 'Het grondgebruik in Nederland' (1912) bleek dat in 1910 de landarbeiders op de zandgronden gemiddeld over 0.92 ha grond
beschikten, in de streken met rivierklei over 0.74 ha en in de zeekleigebieden over
0.59 ha. In 1918 was de landarbeiderswet tot stand gekomen ter bevordering van het grondbezit onder de arbeiders, in de hoop dat sommigen zich tot kleine boer op konden werken. Na de tweede wereldoorlog werd het beleid echter gericht op vermindering van het aantal kleine boerenbedrijven.
Door toename van de geldinkomens nam ook de zelfvoorziening toe, omdat men grond kon bijkopen. De hoogte van de grondprijs bleek belangrijk. Zo was er in Zeeland weinig zelfvoorziening, o.a. omdat daar de grond duur was. Men kon bij een hoger geldinkomen ook het conserveren verbeteren door b.v. weckpotten aan te schaffen.
Naar gelang de geldinkomens in de loop van de 20e eeuw verder toenamen werd de bevolking steeds minder afhankelijk van de zelfvoorziening, zodanig zelfs, dat na het midden van de eeuw het huishoudelijk verduurzamen van groente en fruit vrij plotseling sterk terug liep. De ontwikkeling van de geldeconomie had er voor gezorgd, dat veel mensen voldoende koopkracht hadden en dat de gemoderniseerde landbouw en de industriŽle voedselproductie, samen met de moderne transport- en distributiemiddelen in staat waren om de voedselvoorziening overal het hele jaar door te garanderen. Ook de ambachten hadden zich inmiddels grotendeels losgemaakt van het boerenbedrijf, de burgerij had zich uitgebreid, de mobiliteit was toegenomen en het aantal winkels was enorm vermeerderd. Het is de wisselwerking tussen geldinkomens en gespecialiseerde bedrijvigheid, die de geldeconomie doet groeien. Door grotere bedrijvigheid nemen de geldinkomens toe en omdat de mensen meer te besteden hebben neemt de bedrijvigheid toe. Kennelijk heeft men in de vijftiger jaren, fors gedwongen door het beleid, definitief gekozen voor de geldeconomie, toen de noodzaak van zelfvoorziening verdwenen was.
Toch vertoont het huishoudelijk conserveren van voedsel nog een opmerkelijke vitaliteit. Dat komt omdat naast de voorraadfunctie er duidelijk sprake is van twee nevenfuncties. Allereerst de identiteit, die men ontleende aan een welgevulde kelder en ten tweede een culinaire functie. Verduurzaamd voedsel, zoals zuurkool, zoute snijbonen, gerookte makreel en gedroogde vruchten, bleek namelijk extra aantrekkelijk te zijn.
Dit streven bij de vroegere zelfvoorzieners naar hoge kwaliteit, persoonlijke betrokkenheid en minder afhankelijkheid van de geldeconomie, is ook mijn motivatie om moderne vormen van zelfvoorziening te propageren en te realiseren.

WAT WETEN WE ER EIGENLIJK VAN?                              door Rein de Jong

Dit motto, betreffende 'overlevingskennis', het broertje van zelfvoorzieningskennis, stimuleerde me om op zaterdag 15 november naar Driebergen te gaan, waar De Twaalf Ambachten (DTA) haar 20-jarig bestaan vierde. Het was een aangename dag, maar drie zaken verontrustten me een beetje. Ten eerste kwam het motto slecht uit de verf. In het nieuwe nummer van DTA werd dat beaamd en verwees men opgelucht naar een nagekomen boekje 'De (t)huisarts' van de huisarts Paul van Dijk uit Zaltbommel. DTA heeft een zogenaamde denktank van deskundigen ingesteld om overlevingskennis te ontwikkelen. Ik vraag me af of zo'n elitaire aanpak wel verstandig is. Moeten we niet juist de basis, de allrounders onder de mensen, tot hun recht laten komen?

Ten tweede gaf Peter Harper van het Centrum voor Alternatieve Techniek in Wales in een zeer helder verhaal een schets van zowel de vooruitgang in het centrum als van de tekortkomingen. Hij noemde o.a. de hypocrisie van de medewerkers, die als het ware de planeet willen redden zonder er in het persoonlijke leven veel consequenties aan te
verbinden. De volle autoparkeerplaats spreekt boekdelen.
Bovendien erkende hij, dat er een gebrek aan gemeenschappelijk leven is en een veronachtzaming van het boerenwerk,.

Met veel bombarie, maar ook wat aarzelend werd aangekondigd, dat DTA nu op Internet zit. Sietz Leeflang zat er wat verslagen bij, want iemand anders had dat voor DTA geregeld. Niet dat ik ertegen ben om Internet te gebruiken! In de middagzitting meldde iemand, dat er een Internetsite te bezoeken is met een schat aan informatie over eetbare planten, al een 2000-tal. Daar kunnen en moeten we gebruik van maken. Maar Internet is slechts een dom technisch netwerk van nullen en enen, waar je boven moet staan en je niet door moet laten overvallen. Op een schuchtere manier werd het homepage-adres van DTA als een toverspreuk aangekondigd. Dat doet het ergste vrezen. Want we willen ons toch juist onafhankelijk maken van de grootschalige instellingen? De nog steeds niet verklaarde stroomstoring van eind juni 1997 in Midden-Nederland was toch een van de aanleidingen voor het onderwerp van deze dag?

Ik zou zeggen dat je gebruik moet maken van het gangbare kwetsbare, maar tegelijkertijd de meer evenwichtige zelfvoorziening moet ontwikkelen.


DE FIETS EN ZELFVOORZIENING                                      door Rein de Jong

Persoonlijke en maatschappelijke zelfvoorziening zijn twee kanten van dezelfde zaak. Wat je nu in het dagelijks leven al kunt doen, noem ik: persoonlijke zelfvoorziening. Begin met eenvoudige zaken, die veel zoden aan de dijk zetten. Het fietsen (en ook schaatsen) valt daaronder, want de fietser levert zelf alle energie voor het vervoer.
   De fiets heeft de volgende voordelen.
-  Fietsen blijkt sneller te gaan dan autorijden. Een auto rijdt hooguit 15 km/uur als je alle arbeidstijd, die verbonden is aan het autosysteem, in aanmerking neemt.
-  Fietsen is gezond. Afstanden tot ca 25 km zijn prima te doen. Het tijdsverlies win je terug door een langer gezond leven. Op de grotere afstanden buiten de spits kom je al fietsend heerlijk tot rust en bloeit je creativiteit op. Heel wat ideetjes voor mijn schijfsels ontstaan tijdens fietsritten langs de oevers van Amstel en Waver.
-  De fiets is goedkoop, waardoor je geld uitspaart om in
voorkomende gevallen eens een taxi te nemen.
   Het weer kan roet in het eten gooien. Maar globaal genomen heb je een kans van 1 op 5, dat het regent of dat er harde tegenwind is. Dat geldt voor de mensen die op vaste tijden moeten reizen. Maar ben je bereid tot meer flexibiliteit, dan kan je met behulp van de weersverwachtingen op zoek gaan naar gunstige fietsomstandigheden. Regent het, is het glad of staat de wind verkeerd, dan ga je gewoon nog niet op pad. Het weer zal spoedig omslaan. Neem desnoods je slaapzak mee als je moet wachten op een gunstige terugreis. Ik noem het een kwestie van multiplanning en het benutten van alternatieve bezigheden.

    Een fiets kan je kopen bij de rijwielhandel, maar je kan hem ook oogsten op straat. In de stad vind je met wat doorzettingsvermogen bij het afval genoeg onderdelen voor een goede fiets. Omdat het om wrakken gaat is er geen sprake van diefstal, maar wťl van hergebruik en het schoon houden van de stad.
Wie tenslotte zelf repareert en het onderhoud doet, heeft een belangrijk stuk zelfvoorziening gerealiseerd.


DE RAAKVRAAG                                                                door Rein de Jong

Afke Potze schreef in ZOZ nr. 22 en in De zelfvoorziener nr. 1 uit 1995, een stukje over 'snel zuurdesembrood maken'. Een goed stukje voor de zelfvoorziener, wat een aanvullende vraag over het bakproces opwekte. De zelfvoorziener moet efficiŽnt d.w.z. snel en eenvoudig werken met behoud van kwaliteit. Voor het kneden van het deeg en het verzorgen van de zuurdesem kwam ik na lezing van wat literatuur, tot de volgende aanvullingen:
Het kneden van het deeg heeft de volgende drie functies:
-het mengen van meel, water, zout en zuurdesem,
-het inslaan van luchtbellen in het vloeibare deeg en vervolgens het verkleinen tot veel kleine luchtbelletjes,
-het elastisch maken van het deeg.
Met enkele technisch goede handbewegingen vorderen die processen al snel en elke minuut extra kneden levert steeds minder verbetering. Afke heeft uitgevonden, dat 1 minuut kneden al voldoende is. Dat is best mogelijk, want de adviezen van ca 15 min. komen vaak uit de hobby- of industriŽle sfeer, waar men niet zo op kneedtijd kijkt. In de industrie is er eerder het probleem van te lang (machinaal) kneden, waarbij de elasticiteit weer verdwijnt. Na het kneden bestaat 10% van het deeg uit zeer veel, kleine luchtbelletjes. In het uiteindelijke brood zijn die weer grotendeels verdwenen. Door de elastische structuur zal het koolzuurgas, dat bij de melkzuurgisting ontstaat, in de luchtbellen gaan zitten met als gevolg dat het brood rijst. Het commerciŽle doel van een licht en sponsachtig product met regelmatige kruimelstructuur en groot volume zal bij weinig kneden misschien niet optimaal bereikt worden. Maar doet dat iets af aan de kwaliteit?

Twee keer per dag moet de zuurdesem verzorgd worden. Een beetje oplettendheid is daarvoor nodig, want het is geen tamagotchi die begint te piepen als ie hulp nodig heeft. Een dag overslaan leidt al tot een flinke achteruitgang van de kwaliteit van de zuurdesem en het duurt een paar dagen alvorens hij zich weer heeft hersteld. Tegenwoordig is men nogal uithuizig. Dat is dus een probleem bij de verzorging van de zuurdesem. Laat ik eens gaan onderzoeken of er een 'reis'zuurdesem is te ontwikkelen. In het volgende nummer hoop ik resultaten te kunnen melden.

Geraadpleegde literatuur:
ē 'Eet Kook Ekologisch' van De Kleine Aarde.
ē 'De Edele Broodbakkunst' door Nicolaas Hartman, heruitgegeven door VELT-Nederland.
ē 'Het hoe en waarom van koken' van Albert Coenders.
ē 'Physics of breadmaking' proefschrift van Anita Kokelaar, Wageningen (1994)


HET INKOMEN VAN EEN ZELFVOORZIENENDE HUISHOUDING.

2. Baten van zelfproductie, vervolg
   ----------------------------------------------
                                                                  Z                      M
                                        
Subtotaal uitgaven                                    850                    310

Grond
---------
.pacht                                                      300                      50

Met een recht op agraris gelijkwaardig oppervlak, ongeveer 2400 m2 in hetzelfde land van de gulden, is dit in beginsel geldvrij. Niettemin heeft het een geldwaarde, het zou verpacht kunnen worden, volgens ' 97 agrarise grondprijzen voor plusminus 100 per maand.
Bekwame cultivering van het akker-, wei- of ander land voegt mogelijk 200 toe.
Bouw- en woongedeelte van het kavel (100 m2) verdisconteerd in de huurwaarde. Wat marktkosten waaronder juridis, fiscaal.

Vervoer                                                       Z                       M
-----------                                 
.lopen, fiets, brom, bus, (tram, metro,
trein)                                                         10                      40
.auto, vliegtuig                                                                   excl.
.woon-school, woon-werk verkeer.                                       excl.

loop- en (motor)fietskilometers, eigen onderhoud aan het voertuig geven het zelfbedrag. Op openbaar vervoer lijkt middels aangepaste mobiliteit nog iets ruimte voor meerwaardige, meer welzijn genererende, besparing.
Zo ook op auto, als niet exclusief, vooral in lichtgewicht eenpersoonsuitvoering (light car), en uiteraard op woon-werk en wat woon-school verkeer.

Recreatie, cultuur, onderwijs                         Z                       M
-----------------------------------------           
.cafť, restaurant en overig uitgaansleven,
vacantie, abonnementen, lidmaatschappen,
hobby's, cursussen                                     75                      75
.beroepsonderwijs, scholing,
studiekosten                                                                     excl.

Door zelven onderling, wederzijds, gezamelijk of zelf met wat inventiviteit en inzet op de activiteiten aldus leuk te verdienen.

Medicijnen, gezondheidszorg                         Z                       M
------------------------------------------          
.eigen bijdragen,  - risico                              50                      25
.verzekering                                                                          75

Natuurlijker leefwijze, toeleg op zelf genezen, voorkomen, nipte verzekering vangt gemiddeld gemakkelijk ? een derde van voormalig marktbedrag af.
Verrichten Z of M weinig medise handelingen, zelven gedurig in min of meer blakende gezondheid, dan doet zich de economis paradoxale situatie voor van maximaal product (gezondheid) bij minimaal inkomen (geld) en aanmerkelijke winst op onwelzijn.

Overige belastingen                                        Z                       M
----------------------------                        
.loon en inkomstenbelasting                           50                      75

Reduceert de huishouding externe uitgaven (M) tot minder dan de helft en externe inkomsten tot eender bedrag, dan slinkt de belasting over het laatste geheven in wellicht dezelfde of ruimere mate. (M.60) Betreft de reductie voorts alle 'inkomende' goederen en diensten voorzien van een prijskaartje, ook die van overheidswege, en levert Z met civiele inspanning en verlicht zelfbestuur een bijdrage. (Z.30, M.30)
Waarna er wat extra's voor beter zelfwerk en welbesteed gemeenschapsgeld af kan (Z.50, M.75) of ook het zelfinkomen wat word belast.

Overige verzekeringen                                     Z                       M
--------------------------------                     
.brand en inbraak, overlijden, ...                      10                      15
.inkomensderving, werkloos, ziek,
invalide, bejaard                                          150                     225

Verzekeren een kwestie van risico's delen met anderen, dan lopen de uitgaven ervoorover M. Het veelal geringer 'marktaandeel' van de huishouding brengt de premies mogelijk op M.15 resp. M.225. Verzekeren een kwestie van risico's weren en door middel van voorraad, reserve anticiperen, dan zijn de waarden voor Z wellicht  10 resp. 150 .

Diversen                                                        Z                       M
------------                                 
.waaronder reserves, schulden                       50                      50

                                        
Totaal uitgaven             2485 :                    1545                    940
---------------------
Bij de aanvankelijke 2135 telt de 2400 m2 tuin 350 op.

                                                                                              word voortgezet
                                                                                             -----------------------
(3. Aanvullend inkomen)                                                               peter piscaer


VRAAG EN AANBOD
.
.  geen
.
.

----------                                                                                               -----------

Wegen en paden
-------------------------
Veelzeggend in bijdetijdse kranteberichten als 'Zweefvlucht, op een kussen. swissmetro zou ook in de randstad goed dienst kunnen doen' of 'Streven kabinet gedoemd te mislukken, spoor kan toename reizigers niet aan' is dat aan de mobiliteit zelf voorbij word gegaan. (1)
Wil de een je ondergronds en nagenoeg vacuum in 12 minuten van Rotterdam naar Amsterdam brengen, de ander met lightrail netten rond de grote steden in de randstad 30% meer reizigers vervoeren.
Tegen basisregels van alom geprezen bedrijfsefficiŽntie in : geen overbodige bewegingen van personen of goederen, ze kosten geld, geen dubbele, overlappende systemen.
En inderdaad, meer wonen bij werken, werken bij wonen door flexibel verhuizen, inzichtelijk (langs wegen, landstedelijk) en aantrekkelijk bouwen spaart geld, vermijd ongemak, zoals zonder spoorwegen aldus wat geslonken vervoer prettig onthaast, lekker goedkoop en desgewenst schoon is.

(1) NRC Handelsblad 4.10.97, de Volkskrant 6.12.97
-----                                                                                                           pp.

Mededelingen
--------------------
Bladeren 4, 16 blz., te verschijnen per maart.

Tip
-----
Raken de bladeren los, snij ze door en doe ze in een clip.

--------------------------------------------
Uitgave: Studio zelfvoorziening ... Copij: per eenzijdig a5, voor terugzending svp.
envelop met adres en zegel. Advertentis: f 1.00 per regelruimte, abonnees vier
regels gratis. Prijs: incl. port 2.75, zes vooruit (abon.) 15,00, vijf ineen f 10.00.
=========================================================
          
                                                                                                              
^
  .